Blauwe spat / Marmergoerami / Goudgoerami (Trichogaster trichopterus)


De blauwe spat is een fraaie vis die hoort bij de familie van de labyrintvissen. De vis wordt ook wel de ‘drie-stip goerami’ genoemd: twee stippen op het lichaam en als derde het oog. Deze vissen worden gekenmerkt door een ademlabyrint. Dit is een orgaan dat ze in staat stelt om aan de oppervlakte lucht te happen. Dit labyrint stelt ze ook in staat om te overleven in wateren waar weinig zuurstof aanwezig is. We vinden deze vissen met name in Zuidoost Azië en in delen van Afrika. De blauwe spat komt voor in de landen Viëtnam, Thailand, Burma, Cambodja, Indonesië en Maleisië. Ze zijn daar te vinden in de ondiepe wateren en ondergelopen rijstvelden. Ze leven daar in een dichte beplanting bestaande uit vele soorten planten, van fijn tot grofbladig. Kenmerkend zijn hun langdradige voelsprieten. In 1896 zijn de eerste exemplaren Nederland ingevoerd. Er zijn een aantal kweekvormen ontstaan, zoals de ‘Cosby (marmergoerami, genoemd naar de kweker Cosby) en de ‘Gold’ (goudkleurige / gele goerami). Bekend zijn ook de kempvissen, diamantgoeramie’s, dwerggoerami en de honinggoerami.

Aquarium

De blauwe spat is een vis die uitstekend geschikt is voor het gezelschapsaquarium. Ze kunnen echter ook goed in een Aziatisch biotoop worden ondergebracht, met daarin bijvoorbeeld Indische modderkruipers en kegelvlekbarbelen. Het zijn vreedzame vissen, die zeker op latere leeftijd rustgevend zijn door hun gracieuze manier van zwemmen. Aangezien de vissen zo’n 12 centimeter groot kunnen worden, is een groot aquarium toch wel gewenst. Een aquarium van 80 cm is toch echt het minimum, liever een aquarium beginnend vanaf 100 cm lengte.

De blauwe spat is een makkelijk te houden vis, mits aan enkele voorwaarden is voldaan. Allereerst is het zeer belangrijk dat de temperatuur buiten het aquarium niet teveel afwijkt van de temperatuur in het aquarium. Omdat de vissen veel naar het oppervlak komen om lucht te happen bestaat de kans dat het temperatuursverschil te groot is, dat kan leiden tot problemen met de zwemblaas. Om dit te voorkomen kan gebruik worden gemaakt van een dekruit. Ten tweede is het belangrijk dat er drijfplanten aanwezig zijn. Dit geeft de vis een geliefde, schaduwrijke plek. De vis houdt dan ook niet van felle verlichting. Ook een harde stroming wordt niet op prijs gesteld.

De vissen kunnen het beste paarsgewijs worden gehouden. Mannetjes onderling zijn dikwijls onverdraagzaam tegenover elkaar, en ook vrouwtjes verdragen elkaar niet altijd. De blauwe spat kan vanwege zijn rustige en vreedzame karakter met uiteenlopende andere vissoorten worden samengehouden. Pas echter op dat u deze vis niet samenhoudt met vinnenbijters zoals sumatranen, daar deze dikwijls in de lange voelsprieten bijten. Aan de watersamenstelling stelt de vis geen hoge eisen. Wel wordt een minimum temperatuur van 25 °C aanbevolen, liever nog iets warmer.


Geslachtsonderscheid

Het onderscheid tussen man en vrouw is vrij eenvoudig te maken. De mannetjes van de blauwe spat worden gekenmerkt door een spitse rugvin. Bij de vrouwtjes is deze veel meer afgerond. Ook zijn de vrouwtjes in de regel iets groter dan de mannetjes.


Kweek

De kweek van de blauwe spat is niet moeilijk. Toch moeten er wel een aantal maatregelen genomen worden. Een spontante kweek in de gezelschapsbak zal zich zelden voordoen. Het paartje zal apart in een kweekbak gezet moeten worden. Deze bak moet een lage waterstand hebben: hooguit 25 centimeter. Om ze in een kweekstemming te brengen moet de temperatuur van het water opgevoerd worden naar 30 °C. Het mannetje zal dan een schuimnest aan de oppervlakte gaan bouwen. Na de paring moet het vrouwtje worden verwijderd om te voorkomen dat ze zal worden aangevallen door het vrouwtje. Het mannetje zal zorg dragen voor het nest, ook wanneer de eitjes uitkomen. Het is aan te raden om regelmatig water te verversen. Wanneer de larven vrij gaan zwemmen kan het mannetje beter ook weggehaald worden. De jonge visjes kunnen worden opgevoed met klein levend voer.


Voedsel

De blauwe spat is een typische omnivoor. Ze stellen een afwisselend menu zeer op prijs. Dat is dan ook niet moeilijk, aangezien ze alles eten. Voeder ze met droogvoer en levend voer, zoals muggenlarven en watervlooien. Ook algen staan op het menu en worden graag gegeten.




De blauwe spat staat er om bekend dat ze planaria’s eet. Het is dus een goede natuurlijke bestrijder tegen de planaria. De vis kan vrij gemakkelijk 5 jaar oud worden in het aquarium.

Geschreven door Meloeno.
Je kunt op ons forum reageren op dit artikel.